De meeste mensen kennen 'epilepsie' als een
ziekte waarbij iemand " aanvallen " heeft waarbij hij of zij op
de grond ligt en schokkende bewegingen maakt, schuim rond de mond krijgt en
urine verliest. De oude Grieken dachten dat zo iemand 'bezeten' was. Daar
komt het woord epilepsie ook vandaan: het is Grieks voor 'gegrepen
worden'. Men sprak vroeger van 'vallende ziekte'.
Een onjuiste benaming, omdat lang niet iedereen valt tijdens een aanval. En
ook het schokken en schuimbekken komt lang niet altijd voor. Gelukkig zijn
de symptomen lang niet altijd zo ernstig.
Wel verliest iemand met
epilepsie tijdens een aanval (ook wel toeval of insult genoemd) de controle
over bepaalde lichaamsfuncties: de ene over zijn spieren, de ander over zijn
denken, ... De oorzaak is een stoornis in de
hersenen.